Posts tonen met het label update. Alle posts tonen
Posts tonen met het label update. Alle posts tonen

donderdag 29 mei 2025

Schoorsteen in Nieuwpoort definitief gered?

Graag wil ik iets positiefs vertellen over een oproep die ik in 2021 deed in een bericht op deze blog. Het gaat om de oude schoorsteen van een steenbakkerij in Nieuwpoort met een straf verhaal uit de Eerste Wereldoorlog. Het leek er toen op dat die zijn bescherming zou verliezen en gesloopt zou worden.
Na een succesvolle petitie en heel veel reacties bleef dit monument toch beschermd.

Nu is er nog meer goed nieuws. De stad Nieuwpoort schenk het perceel met de schouw aan de erfgoedorganisatie Herita en geeft samen met de voormalige privé-eigenaar ook nog geld voor de restauratie.

Foto:

Céramiques et Briqueteries Mécaniques du Littoral

De schoorsteen deed tijdens de Eerste Wereldoorlog dienst als observatiepost en geldt als één van de belangrijkste oorlogsrelicten in de streek. Het relict is sinds 1992 beschermd als monument.
Hij maakte ooit deel uit van de steenbakkerij Briqueteries, Tuileries et Céramiques, opgericht in 1904-1905.

De fabriek, gelegen net ten westen van het dorpscentrum van Ramskapelle, kende een korte industriële bloei alvorens de productie abrupt werd stilgelegd bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. De hoge fabrieksschouw kreeg toen een nieuw, strategisch doel: ze werd ingericht als observatiepost door de geallieerden, onder meer door de 126th (East Lancashire) Brigade en de Royal Engineers 428 Field Company.

Tijdens de IJzerslag in oktober 1914 lag de steenbakkerij in de frontlinie. Ramskapelle dreigde toen in handen van de Duitse troepen te vallen, maar de onderwaterzetting van de IJzervlakte voorkwam een doorbraak. De fabriek liep zware schade op, maar de tot observatietoren omgebouwde schoorsteen bleef overeind. Ze werd meermaals beschoten, waardoor ze in de loop der jaren geleidelijk in hoogte werd gereduceerd. Vandaag herinnert ze aan het oorlogsverleden van de stad en regio.


vrijdag 14 juli 2023

Update: 142 Limburgse panovens, pannenfabrieken en steenbakkerijen

We vulden onze inventaris aan met nieuwe gegevens. In het totaal komen we nu aan 142 Limburgse panovens, pannenfabrieken en steenbakkerijen. 

Uiteraard is dat nog steeds maar een benadering van het werkelijke aantal bedrijven een bedrijfjes dat er ooit heeft bestaan in onze provincie. Heel veel steenbakkerijen die werkten met tijdelijke veldovens staan (nog) niet in de inventaris.
Uit allerlei overzichten, zoals de Almanakken, hebben we namen van steenbakkers en pannenbakkers maar waarover we niet meer informatie hebben. Ook die staan niet in de inventaris. Zo staan er van o.m. Wellen nog geen gegevens in de inventaris, maar we beschikken wel over enkele namen. Uit Heers kregen we een mooie getuigenis over de veldovens die er destijds actief waren, maar zonder concrete informatie over de steenbakkers of de locatie.

Van deze gemeenten hebben we, bij gebrek aan concrete gegevens, nog geen enkele pannenoven of steenbakkerij in onze inventaris:

  • Diepenbeek
  • Gingelom
  • Ham
  • Heers
  • Herstappe
  • Heusden-Zolder
  • Pelt
  • Wellen 
  • Zonhoven
  • Zutendaal

Nog eens een oproep dus: wie kan ons helpen om onze inventaris verder aan te vullen?


Deze steenbakkerij in Werm (Hoeselt) staat wel in onze inventaris omdat we de locatie kennen van de militaire kaart uit 1939 en luchtfoto's uit 1944 en 1945, maar we weten nog niet wie de uitbaters waren...

maandag 13 maart 2023

Maaseik, stad van pannenovens en steenbakkerijen

De drie briqueteries op de militaire kaart van 1904 (Bron: Cartesius)


Het is opvallend hoeveel steenbakkerijen en pannenovens er in Maaseik en omgeving actief waren, vooral in de 19de eeuw. In de inventaris van 1840 staan twee pannenovens vermeld, Op de militaire kaart van 1904 vonden we nog eens drie steenbakkerijen (briqueterie) terug. Kort voor de Eerste Wereldoorlog begonnen ook de bekende pannenfabrieken/steenbakkerijen van Schouterden en Houben-Spitz hun activiteiten. Toch was onze inventaris blijkbaar nog onvolledig.

Stadsbranden

Het is niet zo verbazend dat er veel steenbakkerijen en pannenovens in en rond Maaseik actief waren: Maaseik was een belangrijke stad in de regio en de stadsbewoners én de stad waren belangrijke afnemers van brikken en pannen, zeker na de stadsbranden van 1651 en 1684. Bij die laatste brand werd bijna een derde van de woningen vernield. Naar aanleiding daarvan werden voorschriften uitgevaardigd waarbij het gebruik van strooien en rieten daken werd verboden en leien of dakpannen werden verplicht.
Bovendien was de grondstof in de vorm van klei die was afgezet door de Maas, rijkelijk aanwezig en vlakbij beschikbaar.

In die 17de eeuw blijken verschillende lokale vooraanstaande Maaseikenaars contracten te sluiten met lokale steenbakkers voor de productie van brikken. In het artikel van Raymond Driesen, 'Steenbakkerijen rond Maaseik' (De Maaseikenaar, 1997, nummer 4), gaat het onder meer om contracten tussen Adam Adams met steenbakker Frans de Bie; de gebroeders Backhus met steenbakker Bastiaen Martens en zijn moeder, en Jan Claessens met de 'Waalse' steenbakker Jean Rasquin. 

In een ander artikel 'De Renkoven, een nieuw industrieterrein' (De Maaseikenaar, 1999, nummer 3) geeft Martin Boonen een overzicht van de steenbakkerijen en pannenovens die de laatste eeuwen actief waren. Zo krijgt Jan Pendris in 1702 de toelating om tichelen (of brikken) te bakken op de Middenwal. Daarna volgt nog een hele lijst Maaseikse steenbakkers en pannenovens. 

De Maaseikse nijverheid van 1830 tot 1914

Onlangs vonden we toevallig nog nieuwe informatie in het boek 'Maaseik, ontstaan van een grensstad' uitgegeven in 1994 door het stadsbestuur van Maaseik. In het hoofdstuk over landbouw en nijverheid tussen 1830 en 1914 geeft Marc Hanson een beknopte ontstaansgeschiedenis van de grofkeramische sector aan het eind van de 19de en het begin van de 20ste eeuw. Dit gaf ons nieuwe en aanvullende informatie over de Maaseikse steenbakkerijen en pannenfabrieken in die periode. 

Almanakken

Zelf verzamelden we uit de zgn. Almanakken, zowat de Gouden Gids van de 19de eeuw, veel gegevens van pannenbakkers en steenbakkers in Limburg. Dit is de informatie voor Maaseik:

1833
Pannenbakkerij Driane Jan
Steenbakkerij Lambert
Steenbakkerij Paumen 

1854
Steenbakkerij Swillens 
Steenbakkerij Verheyen
Steenbakkerij Paumen 

1857
Pannenbakkerij Driane J.M.
Pannenbakkerij Driane I.
Steenbakkerij Swillens A.
Steenbakkerij Verheyen L.
Steenbakkerij Paumen J.M.

1866
Pannenbakkerij Driane J.M. et Isabelle
Steenbakkerij Smeets Th. 

1882
Pannenbakkerij Driane J.M. et Isabelle
Steenbakkerij Smeets Th.
Steenbakkerij Magniet, veuve 

1888
Pannenbakkerij Driane J.
Pannenbakkerij Goyens Godf.
Steenbakkerij Smeets G.
Steenbakkerij Magniet, veuve

Zoals reeds eerder verteld werden deze Almanakken niet altijd even zorgvuldig samengesteld. Men was afhankelijk van de informatie die door gemeenten werd doorgegeven. Zo kan het gebeuren dat sommige namen plots niet voorkomen in een bepaalde editie.

Een overzicht voor de 19de en 20ste eeuw

Op basis van al die informatie kunnen we een overzicht geven van de Maaseikse pannenbakkers en steenfabrieken in de 19de en 20ste eeuw.  We zochten en vonden ook nog wat familiebanden tussen de verschillende families.

De meeste  steenbakkerijen lagen in het gebied tussen Maaseik en Aldeneik: het Bleumerveld, op Dekes Kamp, Aen de Klous... Deze benamingen vinden we terug in het Primitief Kadaster (website Rijksarchief). Toch ontbreken er nog wat puzzelstukjes. Sommige vermeldingen op oude kaarten konden we nog niet  linken aan de namen die we terugvonden.

De nieuwe gegevens verwerken we ook in de lijst met Limburgse steenbakkerijen en pannenovens

Opvallend detail: als de informatie klopt, waren er op een bepaald ogenblik wel drie ringovens in gebruik in Maaseik!

Het gebied tussen Maaseik en Aldeneik waar veel steenbakkerijen en pannenovens gelegen waren
(Primitief Kadaster, Rijksarchief)
 

Pannenbakkers

Belangrijke pannenbakkers waren de familie Driane. Ze waren zeker drie generaties actief, van voor 1833 tot na 1888. Deze familie was eigenaar van de Panoven Aen het Molenhuis die vermeld staat in de inventaris van 1840. Als eigenaars staan vermeld Jan Melchior Driane en consoorten. Deze oven was volgens de informatie van Willem Driesen actief tot 1904. Het is niet duidelijk of de oven tot dan ook eigendom bleef van de familie Driane.
De kleinzonen van het broer van Jan Melchior, nl. Jules (1846-1909) en Joannes Christianus (1845-1919) begonnen volgens Marc Hanson kort voor 1900 een pannenfabriek in Aldeneik die tot 1901 zou bestaan. 

Een andere pannenbakker was Guillaume Briers van de Panoven Gasthuisveld.  Die was volgens de inventaris van Willem Driesen actief van minstens 1842 tot 1901. In de Almanakken vinden we in 1888 Godfried Goyens. Misschien was hij de opvolger van Guillaume Briers.

Steenbakkers

In de Almanakken komen in de 19de eeuw volgende steenbakkers voor: Lambert, Magniet, Paumen, Smeets, Swillens en Verheyen. Die worden ook (bijna) allemaal vermeld in het boek door Marc Hanson. Hij heeft het over Vanisterdael, Paumen, Swillens en Verheyen. Martin Bonen geeft een uitgebreid overzicht gebaseerd op vergunningen verleend door het schepencollege, soms zelfs met vermelding van het kadasterperceel..

In 1826 krijgt Helena Muysers, weduwe van Jean Nicolaas Purnot, de toelating om een brikkenoven op te richten in het Bleumerveld. Jan Mathijs Paumen bouwt een steenoven in het Bleumerveld (sectie 465) in 1848. Hij staat vermeld in de Almanakken van 1833 tot 1857. Antoon Swillens bouwt een bestendige steenoven in het Hepperveld in 1850. Nog in 1850 bouwt Leonard Verheyen, aannemer, een oven op Het Klousveld (sectie B380). Beiden staan vermeld in de Almanakken van 1854 en 1857.

In 1889 krijgt J.J. Titeux de toelating om een steenoven op te richten aan de Hamontweg. Vanaf 1891 produceert Alphons Heyligers-Vinckenbosch brikken in een veldoven vlakbij het huidige kerkhof van Aldeneik.

In 1903 krijgt aannemer Gerard Smeets de toelating om een oven op te richten in het Bleumerveld (sectie B448). Later, in 1911 zal hij er een ringoven met een hoge schouw bouwen. Hij beschikt kort voor de Eerste Wereldoorlog over een stoommachine en kleipers. Gerardus Hubertus Smeets (1848-1917) was de zoon van Petrus Theodorus (1818-1883) die in de Almanakken ook al als steenbakker vermeld stond. Het waren beide ondernemers die er verschillende activiteiten op na hielden, gaande van landbouwer tot schipper, aannemer en handelaar in grind. Vader en zoon waren beiden schepen in de stad Maaseik.

In 1907 start Eva Maria Curvers, weduwe van Hubert Voets, samen met haar zoon Louis, een permanente steenbakkerij in Aldeneik aan Het Klein Veldje. Het was een soort klampoven, een open oven met vaste muren. Later ging ook zoon Pieter Voets meewerken in het bedrijf. Hij bouwde een huis bij het bedrijf op de hoek van de Javanastraat en de Venlosesteenweg. Het bedrijf bleef actief tot Pieter overleed in 1940.

Huis Voets aan de Venlosesteenweg, het gebouw bestaat nog steeds.


Bernard Houben, eigenaar van een watermolen in Aldeneik krijgt op 29 maart 1904 van het schepencollege de toelating om een steenbakkerij te starten in het Aldeneikerveld, 'Aan de Klous' (sectie 389-391). Blijkbaar werkte hij al eerder, in 1902, samen met Arnold Beunen om op de zelfde locatie een tijdelijke steenoven uit te baten. Kort daarna schakelen hij over op de productie van dakpannen. In 1925 bouwt hij een ringoven. Kort daarna ging hij samenwerken met de familie Spitz uit Rotem. De steenbakkerij Houben-Spitz bleef actief tot 1971.
Steenbakkerij Houben-Spitz (Foto: Maaseik, ontstaan van een grensstad)


In 1910 start Hendrik Hubert Purnot samen met zijn vijf zonen in Aldeneik een veldoven. Vanaf 1914 neemt zijn weduwe Purnod-Damen het bedrijf over en daarna haar zoon Guillaume. Het bedrijf blijft actief tot het tijdens de Tweede Wereldoorlog in 1942 noodgedwongen moet sluiten.

Theopiel Schouterden, veearts, richt in 1908 een veldoven op in Het Hamont (sectie B1272). In 1911 bouwt hij een ringoven. Het bedrijf mechaniseert met een stoommachine (1914) en een kleipers (1915).  Steenbakkerij Schouterden wordt overgenomen door het Nederlandse bedrijf Theeuwen en later door Wienerberger. Dit is de enige Maaseikse steenbakkerij die vandaag nog actief is. De ringoven uit 1911 is nog steeds in gebruik. 

Ringoven Steenbakkerij Schouterden (Wienerberger) (Foto: Maaseik, ontstaan van een grensstad)


Bronnen:

  • De pannebakkerijen in Limburg, 1941-1844, W. Driesen, Volkskunde, nr. 3 (1981), p. 215-239.
  • Landbouw en nijverheid tussen 1830 en 1914, Marc Hanson, in 'Maaseik, ontstaan van een grensstad', Stadsbestuur Maaseik, 1994
  • 'Steenbakkerijen rond Maaseik', Raymond Driesen (De Maaseikenaar, 1997, nummer 4)
  • 'De Renkoven, een nieuw industrieterrein', Martin Boonen (De Maaseikenaar, 1999, nummer 3)
  • Geschied- en heemkundige kring Kinrooi
  • Documentatiecentrum Maaseik





zondag 12 juni 2022

Unieke revolverpersen en een sledepers

De in 1976 beschermde Pannenfabriek Jorissen in Loksbergen (Halen) bevatte op het moment van zijn bescherming nog een erg interessante 'inboedel'. Dat blijkt uit het beschermingsbesluit.

 "De voormalige pannenfabriek 'Jorissen' , genaamd 'de Panoven', inclusief de gebouwen, de paapoven uit het interbellum met de nog bestaande lading gresbuizen en alle toebehoren, de voorbewerkingsfase met alle toebehoren (vormpers voor platte pannen: 'Winnen & Büschges - Boisheim Rheinland'; motor en schakelkast bovenop de machine; vormpers voor nokpannen; houten werkbanken; strengpers met rollen; elektromotor op platform boven de strengpers; reductiekast; rheostaat; oude vormpers voor dakpannen; assen, riemschijven; transportband met houten goot voor bevoorrading strengpers; transportband met houten goot voor afvoer overtollige klei van kamer 1 naar kamer 2; ijzeren mengkuip; verrolbare snijmachine; allerhande kleiner of gedemonteerd materiaal zoals gedemonteerde transportgeleiders), alle transportsystemen, de restanten van de paapoven uit 1877, de restanten van de droogloodsen, de schoorsteen, de rails; de onregelmatig ronde basis naast de voorbewerkingsfase;"

Het meest interessant, en allicht uniek in onze provincie, zijn de aanwezige machines in de inventaris. Deze  dateren allicht van het eind van de 19de - begin 20ste eeuw, nl. twee vormpersen, een sledepers en een strengpers. Het bedrijf sloot in 1954. Deze machines waren tot dan nog in gebruik.

Unieke vormpersen

Al in 1882 kreeg de dakpannenfabrikant François Jorissen een uitvindersbrevet voor dakpannen met een dubbele sluiting, namelijk ”fabricant de tuiles, domicilié à Loxbergen”, voor “un système de tuiles à double attache”. Om dergelijke pannen te maken is een pers nodig, met handbediening of aangedreven door een stoommachine of een motor. In 1920 werd de fabriek gemechaniseerd en er werd een stoommachine geïnstalleerd, mogelijk een tweedehands stoommachine. Later, in 1939, werd het machinehuis volledig vernieuwd, de fabriek draaide van dan af op twee elektromotoren.

Tussen de overblijfselen die vandaag in de ruïne van de machineruimte bewaard bleven vinden we inderdaad deze machines terug. Jammer genoeg in een slechte conditie.

In 2016 maakt ik nog foto's van deze machines onder een half overgroeid golfplaten afdak. Vorig jaar bleek dat alle apparaten zonder beschutting verder stonden te verkommeren. Op mijn vraag aan de gemeente Halen kreeg ik vorig jaar als antwoord dat men na de opmaak van het beheerplan bezig was met de aanstelling van een uitvoerder van dit plan. Geen informatie over de bescherming van de oude machines...

 

Wat overblijft van het machinegebouw van Pannenbakkerij Jorissen... (oktober 2021)

 

 

Strengpers


Een strengpers of extrusiepers wordt gebruikt voor de massaproductie van baksteen, plavuizen, bepaalde typen dakpannen en andere producten van klei. In begin van de negentiende eeuw zijn verschillende pogingen ondernomen om een strengpers te ontwikkelen. De plastische klei werd hierbij door een mondstuk geperst en op de juiste lengte afgesneden. 

Het is onduidelijk wat de herkomst is van deze strengpers. Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

Op de foto is helemaal bovenaan de elektrische motor te zien die de pers aandrijft. De mond van de pers zit vooraan. Aan de buitenkant kan nog een mondstuk toegevoegd worden om de vorm van de streng te bepalen. De klei werd oorspronkelijk met een transportband bovenaan toegevoerd.
De pers is gemonteerd op een bakstenen voet.


Sledepers


De sledepers was oorspronkelijk een van de eerste en eenvoudigste types van persen waarmee pannen werden geproduceerd. De aandrijving gebeurde via een aandrijfwiel dat aan een stoommachine of elektrische motor gekoppeld kon worden.

In Loksbergen werd deze sledepers blijkbaar gebruikt om de nokken te produceren.

Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

 

 

 

 

 

 

Vormpers 1


Met een vormpers kon men bijna continue pannen persen. De mallen zaten gemonteerd op een trommel, vandaar ook de naam revolverpers.

Van deze pers is het merk ook onbekend. Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

 

 

 

 

 

 

 

Vormpers 2


Deze revolverpers bevat nog de oorspronkelijke gipsen mallen voor het persen van de bekende Loksbergse platte pannen met dubbele sluiting. Deze gipsen mallen absorbeerden een gedeelte van het vocht uit de klei waardoor de geperste pannen gemakkelijk loskwamen van de mal. De gipsen mal versleet snel en moet regelmatig vervangen worden. Deze mallen werden normaal gezien ook in het bedrijf gemaakt.

Deze mooie pers is van de Duitse fabrikant Winnen & Büschges uit Boisheim in Rheinland. De merknaam staat op de pers. In een catalogus uit 1938 staat een bijna identiek model afgebeeld.





Oproep

Omwille van hun unieke karakter moeten deze machines in het kader van de restauratie van de pannenfabriek grondig onderzocht en gerestaureerd worden. Hopelijk krijgen ze een prominente plaats in het heropgebouwde machinegebouw zodat de structuur en de werking ervan, én het volledige productieproces, kan worden toegelicht.

In het beheerplan wordt duidelijk gesteld dat het belangrijk is om deze machines te bewaren en te restaureren om zo hun functie in het productieproces uit te leggen aan de bezoeker. Hopelijk volgt de gemeente Halen als eigenaar deze keuze. 

Dit unieke erfgoed mag niet verder verkommeren en verdient het bewaard te worden voor de toekomst.
Ik zal daarom bij de gemeente blijven aandringen voor een correcte restauratie van dit waardevolle erfgoed.

Wordt vervolgd!

zondag 16 januari 2022

Artikel 'De familie Francart en de 'Tuileries et Briqueteries Notre-Dame''

Met enige trots kunnen we melden dat ons uitgebreide artikel over de familie Francart en hun bedrijf 'Tuileries et Briqueteries Notre-Dame' in Tongeren gepubliceerd werd in het decembernummer van het tijdschrift Tongerse Annalen, Historisch en heemkundig tijdschrift over Tongeren en omgeving uitgegeven door het Koninklijk Limburgs Geschied- en Oudheidkundig genootschap Tongeren ism. Stadsarchief Tongeren.

In het artikel, dat we schreven samen met twee neven met dezelfde naam, Jean-Marie Francart uit Tongeren en Jean-Marie Francart uit Eischen (Luxemburg), beide afstammelingen van Sylvain Francart, beschrijven we een groot stuk familiegeschiedenis en daaraan gekoppeld de geschiedenis van de keramische bedrijven van de familie in Beerse en Tongeren. Het artikel telt 24 pagina's en is geïllustreerd met enkele prachtige foto's uit het familiearchief. Het is een interessant verhaal van een gedreven ondernemersfamilie met hun unieke bedrijven. 

Op basis van onmisbare informatie van de familie en veel opzoekwerk kon dit verhaal geschreven worden. Maar er blijft nog veel te ontdekken. En een recente vondst van Willem Driesen toont aan dat er allicht ook nog heel wat folders en brochures van het Tongerse bedrijf bestaan die wachten om op gevist te worden uit een of ander archief of gevonden te worden op een of andere zolder...

We bedanken graag het Tongers genootschap en de mensen van het Tongerse stadsarchief voor de fijne samenwerking en de publicatie van ons artikel.

Lees het artikel on-line op Issuu of vraag het aan via mail patrick [at] boucneau.be




donderdag 21 oktober 2021

Welke toekomst voor de Pannenfabriek in Loksbergen?

De pannenfabriek Jorissen in Loksbergen (Halen) is zowat de enige bewaarde historische site in Limburg. Ik ken deze locatie intussen al heel wat jaren en maak me erg zorgen over het behoud van het aanwezige unieke erfgoed.

Meer dan een jaar geleden deed ik een oproep naar de gemeente Halen om de Pannenfabriek Jorissen in Loksbergen beter te beheren en het kwetsbare industrieel erfgoed beter te beschermen. Ik maakte me ook ongerust over de geplande nieuwbouwprojecten nl. een kinderopvang, die toen al bijna afgewerkt was, en een nieuw schoolgebouw dat ook vlakbij zou worden gebouwd.

Ik kreeg toen een korte reactie van de bevoegde schepen dat men bezig was "met de volgende stappen in beheersplan te zetten" en "dat hij zou trachten me op de hoogte te houden van de verdere vorderingen." 

Verder kreeg ik van geen enkele (overheids)dienst of organisatie een reactie...

Storende nieuwbouw

Op dat moment was de nieuwe kinderopvang op de site bijna klaar. Het opvallend witte (!) gebouw werd pal tussen het ovengebouw en wat overbleef van het machinegebouw ingepland. Volgens mij geen geslaagde manier om een erfgoedsite als dit op een hedendaagse manier te gebruiken. Bezoekers kunnen zich zo ook geen beeld meer vormen van de oorspronkelijke situatie... Maar soit. Het is mijn bescheiden mening maar. Zij hadden toch een positief advies gekregen van Erfgoed Vlaanderen voor hun 'bouwvergunning'. En die overheidsdienst waakt over het behoud van de kwaliteit van ons beschermde Vlaamse erfgoed.

Eén jaar later

Onlangs, op 10 oktober, een zonnige zondag, fietsten we nog eens naar Loksbergen. Mijn vrees bleek terecht. De witte kinderopvang was al lang afgewerkt en in gebruik genomen. Het gras was netjes ingezaaid en gemaaid... De oude pannenfabriek en wat overbleef van het machinegebouw lag er nog steeds bij als enkele jaren geleden. Erger nog. De unieke machines staan nu in weer en wind te roesten... Er was dus dat hele jaar niets gebeurd om de sitatie te verbeteren. Mijn hart bloedde. Deze pannenfabriek is uniek Vlaams erfgoed. Nergens in Limburg (uiteraard met mijn bescheiden kennis) bleven dergelijke persen (o.m. een revolverpers en een sledepers met de gipsen mallen!) bewaard. Nergens bestaan nog dergelijke paapovens. 

Wettelijke bescherming niets waard?

Hoe is het mogelijk dat op deze manier met ons beschermd waardevol erfgoed wordt omgegaan? Deze oude pannenfabriek heeft een dubbele bescherming: ze is beschermd als monument sinds 1995 en als vastgesteld bouwkundig erfgoed sinds 2018.  In 2019 werd een uitgebreid beheerplan opgesteld en goedgekeurd. Bij de bescherming in 1995 was de fabriek, die gesloten was sinds 1954, al erg vervallen. Toch werd het ovengebouw in die periode gerestaureerd en uitgebreid, toen ook al, met een kinderopvang en een aantal lokalen. Het machinegebouw kwijnde verder weg en werd in 1998 'voorlopig' afgebroken. De machines werden dan nog enigszins beschermd onder een afdak...

Op de website van Erfgoed Vlaanderen staan 55 foto's van de site. Interessant om te zien hoe intact de machines in 1995 nog waren...

Het vervolg

Ik stuurde dus opnieuw een mail naar de stad Halen en aan alle andere betrokkenen met mijn bezorgdheden en met de vraag om dit unieke erfgoed niet te laten teloorgaan en het conform het goedgekeurde beheerplan te bewaren, te restaureren en open te stellen voor het publiek.

De enige korte reactie die ik meteen kreeg was opnieuw van de bevoegde schepen dat hij me kon melden dat "... verleden week het bureau ARAT aangesteld is door schepencollege om de uitvoering van het beheersplan te begeleiden. In eerste instantie gaan wij ons op het voorbereidingsgebouw concentreren."... We zijn een jaar verder en blijkbaar is er dus echt nauwelijks iets gebeurd. We kunnen veronderstellen dat de corona-crisis een rol heeft gespeeld, maar toch... 

Het gaat om hetzelfde bureau dat het beheerplan heeft opgesteld. Dat is alvast positief. Van het 'voorbereidingsgebouw' (of machinegebouw) met o.m. de kleipersen blijft weinig over. Of het op dezelfde plaats nog kan worden heropgebouwd is met de komst van de nieuwe kinderopvang zeer de vraag. Bekijk de onderstaande foto's en oordeel zelf.

 Wordt vervolgd...

 

Pannenfabriek Jorissen 1995 (Erfgoed Vlaanderen)

Pannenfabriek Jorissen 2009 (Archeonet)


Pannenfabriek Jorissen oktober 2021 (Patrick Boucneau)

Pannenfabriek Jorissen oktober 2021 (Patrick Boucneau)

Pannenfabriek Jorissen, wat overblijft van het machinegebouw (Patrick Boucneau)

vrijdag 11 juni 2021

Opzoekwerk in Hamont levert nieuwe ovens op!

Dankzij het opzoekwerk van de heemkundige kring van Hamont hebben we nu 2 panovens en 6 steenbakkerijen kunnen lokaliseren in Hamont. Dat zijn er nog een paar meer dan dat we tot nu toe al in onze inventaris hadden. Door hun concrete informatie kennen we nu ook de exacte locaties. Uiteraard is het verhaal niet volledig. Bijvoorbeeld hoe lang deze ovens actief waren of hoe ze er uit zagen, weten we (nog) niet.
Van deze acht ovens staan er nu ook nieuwe of aangevulde fiches in onze inventaris.

Panovens
- Panoven Jan Dolders
- Panoven Theodoor Michiel Spaas

Steenbakkerijen

- Steenbakkerij Damen
- Steenbakkerij Bernaerts - Verloren Kost
- Steenbakkerij Bernaerts - Achter de wal
- Steenbakkerij Triki
- Steenbakkerij Spaas-Winckels
- Steenbakkerij Theodoor Leonard Spaas

Uit het opzoekwerk in Hamont blijkt dat enkele (soms verwante) families erg actief waren; Triki, Bernaerts, Winkels en Spaas. Ze waren niet allemaal zelf pannen- of brikkenbakker: de familie Spaas waren afstammelingen van een zogenaamde familie van Teuten (rondtrekkende handelaren) en waren  grondeigenaars die de gronden beschikbaar hadden waar men klei kon delven voor de kleinschalige pannen- en brikkenovens. Bijna al de ovens lagen in dezelfde omgeving: Varkensbosch, ten westen van het centrum van Hamont.

Rond 1880 arriveerde ene Jan Dolders in Hamont, zoon van een pannenbakker uit Rekem. Hij zorgde er blijkbaar voor dat er vanaf dan ook pannen werden gebakken in de gemeente.

Een van de belangrijke afnemers van brikken waren de Zusters Ursulinen die tussen 1839 en circa 1900 niet alleen veel brikken kochten, maar ook heel wat Hamontenaars als metsers bij hen op de stellingen hadden staan. 

We zijn de mensen van de Heemkundige Kring 'De Goede Stede Hamont' erg dankbaar. Dit gedetailleerd opzoekingswerk vraagt wat tijd, maar is erg belangrijk om de lokale geschiedenis van de pannen- en steebakkerijen in een dorp te reconstrueren.

Met de nieuwe ovens er bij komt het totaal aantal steenbakkerijen en pannenfabrieken in onze Limburgse inventaris nu op 134!

Heel wat Hamontse pannen- en steenovens lagen in dezelfde omgeving Varkensbosch


 

woensdag 19 mei 2021

Een nieuwe nieuwsbrief!

Regelmatig publiceer ik stukjes op mijn blog of voeg ik informatie toe aan mijn Limburgse inventaris van panovens, pannenfabrieken en steenbakkerijen. 

Om zoveel mogelijk mensen te bereiken met de resultaten van mijn inventarisatiewerk en om in gesprek te gaan met andere liefhebbers van Limburgs erfgoed en grofkeramisch erfgoed in Vlaanderen en België, ben ik onlangs gestart met een nieuwsbrief die er wat professioneler uitziet dan een doordeweekse mail (tot dan toe stuurde ik regelmatig een mailtje met wat nieuws).

Alle jullie reacties, opmerkingen, bedenkingen en aanvullingen zijn uiteraard heel erg welkom!

Via deze link kan je je inschrijven op mijn nieuwe nieuwsbrief.
 
 

maandag 17 mei 2021

Brikkeriejen en uitgebrikte gronden in Voeren

Uiteraard werden ook in de huidige gemeente Voeren bakstenen gebakken. Van pannen zijn we nog niet zo zeker. 

Tot nu toe hadden we geen informatie gevonden over de Voerense brikkeriejen of brikkenbakkerijen. Onlangs ontdekten we het uitgebreide online archief van de Voerense vereniging Heem en Natuur en hun verschillende tijdschriften. In een van die tijdschriften, namelijk d'r Koeënwoof (de Korenwolf, lokale benaming voor de wilde hamster) stond een kort overzicht van mogelijke steenbakkerijen van de hand van Jaak Nijsen (overleden in 2009).

Meerdere baksteenbakkerijen zijn ons bekend:

De Plank: op "het Belgisch", tegenover het "Hollandse" waterreservoir was er voor de oorlog nog de brikkenbakkerij. Of er toen nog brikken geproduceerd werden is onzeker.

De brikkenbakkerij in het Veurzerveld - de huidige weide tegenover het voormalige station - hebben we nog weten werken: lange rijen opgestapelde bakstenen met daartussen brandstof; en de oude machine om twee bakstenen tegelijk te vormen. Deze bakkerij was vóór WO 2 in bedrijf, misschien ook nog daarna. Waar de "brikkebekkere" vandaan kwamen is onzeker.

Ook in Sint-Martens-Voeren: De Lebeau - huizen zijn gebouwd met baksteen die daar ter plaatse gebakken is (zegt Maria Schillings).

Tussen Schilberg en Ulvend was er begin 20e eeuw een brikkenoven. Tijdens WO 1 zaten Duitse soldaten er op om de grens te bewaken. Ca 1925 werd er een huis op gebouwd. Rond dat gebouw - mijn oudershuis - was er nog lang "brikkeroem" te vinden, baksteengruis.

In Moelingen werden er bakstenen gebakken op de Wezeterweg.

JN

In onze inventaris namen we eerst enkel de steenbakkerij in het Veurzerveld op. Alleen van deze steenbakkerij was de informatie voldoende concreet en te lokaliseren. Later ontdekten we op een militaire kaart uit 1931 de aanduiding van de 'briqueterie' aan De Plank. Van de andere vermelde locaties is het niet duidelijk of het over een permanente steenbakkerij ging.

Door het relatief goed bewaarde landschap in Voeren zijn er ook nog enkele 'uitgebrikte gronden' te vinden in de Voervallei. Die werden door de Vlaamse overheid in de Inventaris Onroerend Erfgoed opgenomen als beschermd landschappelijk element.

 

's Gravenvoeren, Meulenberg, uitgebrikt weiland Voervallei. Foto: Nele Vanmaele

 

zaterdag 24 april 2021

Nieuwe aanvullingen: nummers 126 en 127!

Onze inventaris kreeg er nog twee bedrijven bij: een panoven in Tongeren en de beroemde keramiekfabriek van Hasselt.

De Keramiekfabriek van Hasselt, 'Céramiques Décoratives de Hasselt', werd in 1895 opgericht. Het bedrijf was gelegen aan de Hasseltse kleine ring op de plaats waar nu de Bibliotheek Hasselt Limburg gevestigd is. Uiteindelijk hebben we dit bekende bedrijf toch aan onze inventaris toegevoegd omdat er niet alleen sierkeramiek, maar ook sanitair keramiek werd vervaardigd in de vorm van tegels en allerlei speciale elementen.

De panoven in Tongeren 'Op den Boubergh' kennen we enkel van een artikel van H. Baillien uit 1972 over de Tongerse industrie in de 18de eeuw.  Daarin lezen we: "Op 22 october 1760 verzocht Laurens-Willem van de Meer, oud-burgemeester, om een 'fabrique der pannenbackerije' te mogen oprichten en dan nog wel helemaal 'propriis expensis en op sijnen peryckel'. Hij was er van overtuigd dat een aantal burgers hun strooien daken door pannen zouden vervangen, vooral wegens het brandgevaar. De pannen die hij zich voornam te fabriceren zouden niet duurder verkocht worden dan te Schulen, Hasselt of Bilzen. Het stadsbestuur zou hem alleen een stuk gemeentegrond moeten toestaan...
De raad stemde in met zijn voorstel en liet van der Meer zelfs tussen vier percelen kiezen. Hij gaf de voorkeur aan de 'oude pannenhoven op de Boubergh', waaruit blijkt dat hij al een voorganger gehad had. (...).
"  

De 'belofte' in de aanvraag van de heer van de Meer is wel erg interessant! We onthouden dus dat de pannen uit Schulen, Hasselt of Bilzen in die tijd zo'n beetje dé referentie waren. Waarom anders zou deze pannenbakker er naar verwijzen? Het is wel erg verwonderlijk dat men in die tijd pannen zou hebben verkocht en vervoerd over zo'n grote afstanden. Uit Bilzen lijkt nog aannemelijk. Maar vanuit Schulen? 

 

Keramiekfabriek Hasselt (Manufacture de Céramiques Décoratives de Hasselt)

 

zaterdag 6 februari 2021

Bouwden Sylvain en Henri Francart de eerste tunneloven van België?

In 1908 startte Sylvain Francart een pannen- en steenfabriek in Tongeren: ‘Tuileries et Briquetries Notre-Dame’.  Onlangs kwamen we in contact met twee afstammelingen van Sylvain Francart: Jean-Marie Francart uit Luxemburg en zijn naamgenoot en neef Jean-Marie Francart uit Tongeren. Hij was de laatste generatie die het Tongerse bedrijf leidde tot het in 1982 definitief sloot. Samen met hen proberen we de geschiedenis van deze unieke familie en hun bedrijven te reconstrueren. We hopen hierover een uitgebreid artikel te kunnen schrijven en publiceren.

Sylvain en zijn zoon Henri Francart waren echte vernieuwers. Ze ontwikkelden nieuwe keramische producten en technieken. Sylvain Francart bouwde in 1875 in Beerse een eerste pannenfabriek. In 1908 startte hij samen met zijn zoon Henri een nieuw bedrijf in Tongeren. Hij stierf nog datzelfde jaar.

De nieuwe fabriek in Tongeren kreeg meteen de modernste uitrusting: een stoomketel voor de eigen elektrische centrale waarmee gelijkstroom en warmte werden geproduceerd, een kolenvergasser voor de productie van gas als energiebron voor de oven en… een tunneloven van eigen ontwerp! Waarschijnlijk was het de eerste functionele tunneloven in België...

We weten dit uit de verhalen van de familie Francart. Concrete plannen of documenten van bij de bouw van de oven hebben we echter nog niet gevonden. Onlangs werden in de familie wel foto's teruggevonden van de bouw van de tunneloven. Daaruit zou blijken dat de oven pas in gebruik werd genomen na de eerste wereldoorlog, in 1922. 

Dit zou in elk geval spectaculair nieuws zijn: de eerste Belgische tunneloven voor grofkeramiek werd in Tongeren gebouwd!

We hopen zo snel mogelijk meer te kunnen vertellen!

 

Afbeelding bij een patent van Henri Francart uit 1920: aanpassingen aan een tunneloven

 

 

donderdag 27 augustus 2020

Update: 125 pannenovens en steenbakkerijen!

Onze inventaris werd verder aangevuld en volledig nagekeken. Er staan nu 125 pannenovens en steenbakkerijen op onze lijst. Van heel wat pannenovens werd het verhaal aangevuld met nieuwe info en nieuwe foto's.

Een prachtige nieuwe foto ontdekten we op de website van windmolen De Hoop in Elen (Dilsen-Stokkem). Op de foto zien we niet alleen de stenen windmolen, maar vooral de trotse pannenbakkersfamilie met al hun materiaal voor de pannenoven!




vrijdag 31 januari 2020

Gevonden! Een Romeins christelijke graftombe?

Onlangs hebben we ze eindelijk gevonden! In Tongeren uiteraard! Niet die Romeinse graftombe zelf. Dat gebeurde al in 1880! Wel de juiste locatie van steenbakkerij steenbakkerij Christiaens-Vanderyst!

In 1880 vonden arbeiders van deze steenbakkerij tijdens leemafgravingen een graftombe met merkwaardige dubbele grafkamer. Ze vonden deze tombe in de kleigroeve van de steenbakkerij. Op die plaats lag het zuidwestelijk grafveld van de Romeinse stad Tongeren. De tombe bevond zich op ongeveer drie meter diepte en was ongeveer 3 bij 2,4 meter groot. Omwille van de versieringen en meer bepaald een gestileerd christogram (dat nu overigens niet meer zichtbaar is...) werd het graf lang aanzien als de oudste christelijke getuigenis in ons land.
De graftombe kwam in 1881 terecht in een museum in Luik en verhuisde na vele jaren in 2008 eindelijk weer naar Tongeren waar het een opvallende plaats kreeg in het vernieuwde Gallo-Romeins Museum.

We wisten dus die graftombe gevonden werd in een kleigroeve in het zuidwestelijke grafveld van Tongeren. De precieze locatie kenden we eerst niet. Het raadplegen van oude militaire kaarten gaf de oplossing. Op de militaire kaart van 1873 zijn drie droogloodsen zichtbaar gelegen binnen een grote ontginning. Op de militaire kaart van 1904 vonden we diezelfde ontginning, de droogloodsen niet meer, maar wel met de vermelding 'Briq.ie' (briqueterie of steenbakkerij).

Over de steenbakkerij zelf weten we voorlopig weinig. De familie Christiaens had verschillende pannenfabrieken in Tongeren, o.m. de panoven op het Geebroek uitbaatte.

Foto opgraving Romeins Christelijke graftombe, Koninksem, 1881 (Beeldbank Tongeren, Stuk III-253B)




donderdag 30 januari 2020

123 pannenovens en steenbakkerijen!

Met de steenbakkerijen van de steenkoolmijnen van Waterschei en Zwartberg, een vermelding in Hasselt en een steenbakkerij  in Tongeren, staat onze teller nu op 123! Van elke oven is een fiche beschikbaar.

Alle tips, aanvullingen en opmerkingen blijven welkom. Zo vullen we de informatie die we verzamelden verder aan en komen we ook meer te weten over deze ovens en hun eigenaars!


woensdag 3 juli 2019

Kunstkeramiek en dakpannen, made in Bree?

Een van de bekende Limburgse pannenfabrieken was zeker het bedrijf Taxandria uit Bree. Het werd opgericht rond 1900 en was tot laat in de jaren 1960 actief. De exacte data kennen we nog niet.

Opvallend is dat het bedrijf, zowel in zijn beginperiode als later in zijn bestaan, ook bloempotten produceerde én, volgens een artikel in Het Belang van Limburg uit 1952, ook zogenaamd kunstkeramiek maakte: sierpotten, vazen, schotels, enzovoort.

Waarschijnlijk was deze productie vergelijkbaar met die van andere Belgische bedrijven zoals de Hasseltse keramiekfabriek 'Manufacture de céramiques décoratives de Hasselt'.

Het is ons niet duidelijk welke producten precies bij Taxandria werden gemaakt. Op veilingsites vind je regelmatig voorwerpen en vazen die de vermelding dragen 'Keramiek Bree', maar het is niet duidelijk of deze producten uit Dakpannenfabriek Taxandria komen of dat ze in een ander Brees bedrijf werden gemaakt.  Allicht zijn er inwoners van Bree die ons meer kunnen vertellen...

Een van de leuke dingen die we op het internet vonden was deze schaal!

Schaal met vermelding 'Keramiek Bree'

dinsdag 18 juni 2019

Lommelse baksteen of kalkzandsteen?

In 1906 werd door de familie Emsens een steenbakkerij ('briqueterie') opgericht in Stevensvennen in Lommel. Deze steenbakkerij maakt deel uit van de eerste activiteiten van wat later de grote multinationale onderneming Sibelco zou worden.

Alleen is het niet duidelijk of er in deze steenbakkerij wel echte 'bakstenen' werden gemaakt. Er werden in elk geval ook kalkzandstenen geproduceerd op basis van het prachtige witte zand dat ter plaatste werd ontgonnen. Ze werden onder de merknaam 'Briques Sili' verkocht. De steenbakkerij stopte haar activiteiten in de periode voor de Eerste Wereldoorlog.

Elders in Lommel (vooral ten noorden van het kanaal Herentals-Bocholt) werd zeker klei gebruikt voor het bakken van stenen.

Steenbakkerij van de familie Emsens in Stevensvennen rond 1910

donderdag 13 juni 2019

Een reus in de panoven!

Inderdaad, in 1810 werd er in Hasselt een nieuwe reus geboren in een pannenfabriek in de wijk Runkst! Het gaat om de bekende Hasseltse stadsreus De Langeman, die met zijn echte naam Don Christophe heet. De reus werd door kunstenaar Melchior Tieleman samen met zijn leerlingen hersteld en kreeg 'een meer artistieke vorm, geïnspireerd op de reus van de stad Antwerpen'.

Volgens de verslaggeving werd de reus heropgebouwd "dans une tuilerie, entre le Boomkens- et la Fonteinstraat", in de wijk Runkst dus! Meteen een nieuwe panoven op onze Limburgse inventaris!

Voor het overige hebben we weinig of geen informatie over deze pannenfabriek. We weten door de geschiedenis van de Hasseltse reus ongeveer waar ze gelegen was en, op basis van de afmetingen van de reus, dat de droogloods minstens 5 meter hoog was. Maar daar blijft het voorlopig bij...

Hasseltse reus De Langeman, geboren in een panoven in Runkst


donderdag 9 mei 2019

De steenbakkerij van de Mijn van Beringen

Op Erfgoedplus.be vonden we een tweede foto van de steenbakkerij van de mijn van Beringen. De foto is blijkbaar afkomstig van de 'Société Anonyme Charbonnages de Beeringen', 'de mijn' zelf dus.
De foto lijkt in de zelfde periode gemaakt te zijn als de foto op de oude postkaart die we vonden op Delcampe (let op de elektriciteitspaal!).

Op beide foto's zie je de 'rauwe' bakstenen die liggen te drogen in lange rijen. Op de nieuwe foto zien we een brandende oven. Heel waarschijnlijk is het een gewone gestapelde veldoven, maar het zou ook kunnen dat het om een klampoven gaat waarbij er met drie vaste muren werd gewerkt.

De drie mannen staan naar de oven te kijken op wat lijkt op een andere - uitgebrande en afgekoelde - oven.

Uit een klein krantenartikeltje uit het Belang van Limburg uit 1910 blijkt ook dat er al in 1910 een steenbakkerij actief was op de mijnsite in 'Stall' (Koersel, Beringen)...


Detail van de foto die we vonden op Erfgoedplus.be

vrijdag 19 april 2019

Baksteenoorlog in Sint-Truiden?

Op basis van de oude kaarten gingen we er van uit dat er aan het eind van de 19de eeuw langs de (Oude) Tongersesteenweg in Sint-Truiden één steenbakkerij lag. Twee opvallende advertenties in de Sint-Truidense krant De Tram maken duidelijk dat het er in feite twee waren. En dat er misschien wel een kleine baksteenoorlog gaande was...

In de krant van 28 december 1901 staan namelijk de twee onderstaande advertenties op dezelfde pagina, vlak naast elkaar. Bij Festraets-Van Slype kan men terecht voor de 'schoonste en allerbeste kareelen' aan de 'eerste kareelhoven komende uit de stad'. Bij Emm. Vanslype adverteert men met 'Geene halfgebakken of weke kareelen meer!' en zijn hun 'schoonste en beste kareelen' te bekomen op de Tongerse Steenweg 'Let wel op de 2den oven'.

Het lijkt er sterk op dat beide steenbakkers mekaar heel erg beconcurreren en dat met vrij scherpe argumenten. Zou het een echte baksteenoorlog zijn geweest? Misschien waren beide steenbakkers zelfs familie van elkaar? Dat zou het nog erger maken!


Krant De Tram, 28 december 1901

woensdag 17 april 2019

116 pannenovens en steenbakkerijen!

Met een steenbakkerij in Velm er bij, die we vonden door een tip van de heer Lammens, staat onze teller nu op 116! Bovendien is er voor elk oven nu een fiche beschikbaar.

Alle tips, aanvullingen en opmerkingen blijven welkom. Zo vullen we de informatie die we verzamelden verder aan en komen we ook meer te weten over deze ovens en hun eigenaars!

Steenbakkerij in Velm (Sint-Truiden)

Welkom!

Een Limburgse inventaris!?

Een inventaris van 'alle' Limburgse panovens, pannenfabrieken en steenbakkerijen? Allicht onbegonnen werk... In elk geval wil ik m...