zondag 14 augustus 2022

Tunneloven Francart was klaar in 1916!

We hadden er een tijdje op gewacht, maar eindelijk kregen we een antwoord van 'het kadaster' op onze vraag in verband met de tunneloven van de familie Francart.

"Wij hebben de opzoeking uitgevoerd en uit onze documentatie blijkt dat de tunneloven in 1916 gebouwd werd. De bouw van de oven staat weergegeven op schets 7 van 1916 (Tongeren 1 - sectie A, 236E). Indien u deze schets wilt bekomen, dient u hiervoor een uittreksel aan te vragen."


Dit is belangrijke informatie voor ons onderzoek naar de bouwgeschiedenis van de tunneloven van Henri Francart!

De eerste tunneloven in België

Eerst twijfelden we nog of de tunneloven van de Tongerse pannenfabriek Onze-Lieve-Vrouw wel de eerste kon zijn die in België werd gebouwd. Het belangrijkste bewijsstuk was een oud fotoalbum dat in de familie Francart bewaard bleef. Volgens de notities bij de foto's werd met de bouw van de tunneloven gestart in 1913, vlak voor de Eerste Wereldoorlog. Het was Henri Francart die de tunneloven bouwde. Tijdens de oorlog lag het bedrijf zo goed als stil en ging de familie op de vlucht naar Engeland. De tunneloven werd pas na de oorlog, in 1922, definitief afgewerkt en in gebruik genomen.

Tot nu toe hadden we enkel het familiealbum en de mondelinge informatie als bron voor de datering van de tunneloven. Nu bevestigt de melding van het kadaster over "schets 7 van 1916" dat de oven inderdaad vlak voor de Eerste Wereldoorlog werd gebouwd en kort erna in gebruik werd genomen. Dat gebeurde in 1922 volgens het familiealbum.

Zo zijn we steeds zekerder van de bouwperiode van de tunneloven en wordt het overduidelijk dat de oven van Henri Francart de eerste was die in België gebruikt werd voor het bakken van grofkeramiek zoals dakpannen een bakstenen!

 

Het verhaal van de familie Francart en hun steenbakkerij(en) is een uniek verhaal. Je kan ons uitgebreide artikel dat verscheen in december 2021 in de Tongerse Annalen lezen via deze link.

Bouw van de tunneloven in 1913 (familiearchief Francart)

dinsdag 9 augustus 2022

Hasselts keramiek in Blankenberge

Deze zomer probeerde het Hasseltse stadsmuseum Stadsmus inwoners van Hasselt (en andere) te interesseren voor de Hasseltse geschiedenis en voor leuke weetjes die daarmee te maken hebben. Ik vond het een sympathieke campagne, vooral omdat er ook een beetje keramiek aan bod kwam.

Een van de opvallende affiches was namelijk deze: "Waarom je in Blankenberge een zee van Hasseltse keramiek vindt?"

Uiteraard is dit een verwijzing naar de prachtige keramiek (en in dit geval vooral de tegeltableaus) die in Hasselt werden gemaakt door de Hasseltse keramiekfabriek "Céramiques Décoratives de Hasselt", die tot in 1954 bestond.

Succes aan de Belgische kust

De groei en het succes van de Hasseltse fabriek is sterk verweven met het ontstaan van het kusttoerisme in België en de daaraan verbonden bouw van een groot aantal villa’s, pensions en hotels. Hierdoor ontstaat er een grote vraag naar geëmailleerde en decoratieve gevelbekleding. De Hasseltse fabriek verwerft een flink marktaandeel dankzij de goede publiciteit bij de architecten en de uitbouw van een netwerk van agentschappen. In vele art-nouveaugevels aan de Belgische kust zijn haar mooie tegeltableaus nog steeds getuige van de kwalitatieve producten en het vakmanschap van de Hasseltse fabriek. Vooral in Blankenberge bleven heel wat decoraties bewaard.

Prachtig tegeltableau op een gevel in Blankenberge (Foto: Vriendenkring Stadsgidsen Blankenberge)

 

Meer info en foto's zijn te vinden op een website van de Vriendenkring Stadsgidsen Blankenberge.

 

maandag 8 augustus 2022

Steenbakkerijen op Open Monumentendag 2022

Tijdens Open Monumentendag 2022 is er weer interessant steenbakkerserfgoed te bezoeken. Niet in Limburg dit jaar. Hopelijk wel opnieuw in 2023!

Steenbakkerij Hove

In Ninove kan je terecht bij Steenbakkerij Hove. Dit is de laatste Vlaamse (Belgische?) ringoven die nog met steenkool gestookt wordt. We schreven al eerder over dit unieke familiebedrijf.
Het is evenwel niet de laatste actieve ringoven. In Limburg zijn er ook nog in gebruik in Maaseik en in Membruggen (Riemst). Beide werden aangepast om met gas gestookt te worden.

Stenen bakken in Cambodja en Rumst

Uiteraard kan je ook weer op bezoek in Museum Rupelklei Terhagen (Rumst). Daar loopt tijdens Open Monumentendag ook de expo ‘Kleiontginning in Cambodja en Rumst’. Begin vorige eeuw voerde men in Belgische steenbakkerijen immers dezelfde strijd die nu in Cambodja actueel is.

Nieuw: 'Brik Boom'!

De interessantste place-to-be is echter de voormalige steenbakkerij Verstrepen in Boom! Daar opent op zondag 11 september het nieuwe bezoekerscentrum Brik Boom in de voormalige steenbakkerij Verstrepen voor het eerst haar deuren. Het vroegere Ecomuseum en Archief voor de Boomse Baksteen (Emabb) zit in een nieuw kleedje en dat kan je gaan ontdekken tussen 10 en 18uur. De grote ringoven uit 1925 herbergt een bezoekerscentrum waarin het verhaal van klei tot baksteen is te zien door de ogen van de arbeiders toen. Je kan ook een kijkje nemen in de schoorsteen, arbeidershuisjes of schrijnwerkerij. Dat laatste vakwerkgebouw is herbestemd tot toeristisch infopunt dat je warm maakt om het steenbakkersgehucht Noeveren, Boom en de ganse Rupelstreek te verkennen.

Veel plezier tijdens Open Monumentendag 2022!

Het nieuwe bezoekerscentrum Brik Boom, voormalige steenbakkerij Verstrepen (Foto: EMABB)

 



zaterdag 9 juli 2022

Toch (g)een ringoven voor de mijn van Eisden

Onlangs kregen we een vraag van de heer Vincent Put. Hij had een huis gekocht in Leut (Maasmechelen) dat volgens de oorspronkelijke plannen in 1954 zou gebouwd zijn met bakstenen afkomstig van "de ringoven van Eisden". De eerste eigenaar bleek bovendien een mijnwerker. Of wij hem konden vertellen over welke steenbakkerij dit ging? En of het dus ook over de steenbakkerij van de Mijn van Eisden ging?

Wat we in elk geval wisten was dat de Mijn van Eisden een eigen steenbakkerij had gehad op 'Het kerkveld' in Rachels, Lanklaar. Al bij de oprichting van de mijn, in juni 1909, richtte de maatschappij 'Charbonnages Limbourg-Meuse' een aanvraag aan het gemeentebestuur om "aldaar een bestendige brikkenbakkerij te mogen inrichten". Het was echter erg onduidelijk of die steenbakkerij een aantal jaren later ook beschikte over een eigen ringoven. Het zou dan in elk geval om een ringoven gaan waarvan geen enkel spoor (meer) te vinden was. Uit een oud krantenknipsel (februari 1913, archief Het Belang van Limburg) bleek immers dat de mijn 'Charbonnages Limbourg-Meuse' in 1913 metsers zocht voor het bouwen van een ringoven. Daaruit hadden we de voorzichtige conclusie getrokken dat ze die ringoven ook werkelijk gebouwd hadden...

Maar vlakbij was er ook de steenbakkerij Meulemans. Die werd opgericht in 1924 door Antoon Ramakers (burgemeester van Eisden) en zijn schoonbroer Richard Meulemans. Deze steenbakkerij had in elk geval wel een ringoven en bakte allicht ook stenen voor de Mijn van Eisden.

Linksonder de veldovens van de Mijn van Eisden op het Kerkveld, bovenaan steenbakkerij Meulemans (NGI, 1939).


Onze zoektocht zorgde voor duidelijkheid. Via Jan Kohlbacher, oprichter van de Stichting Erfgoed Eisden en het Museum van de Mijnwerkerswoning, kwam onze vraag terecht bij Michel Meulemans, een afstammeling van de laatste eigenaar van steenbakkerij Meulemans en voorzitter van de Stichting Erfgoed Eisden.

Michel antwoordde het volgende: "Er is me steeds verteld dat de Mijn veldbrandovens had op die plek (Het Kerkveld) en dat den Ouwe (zijn vader) op de vraag van de Mijn is ingegaan door zelf een ringoven, ne renkoven, te bouwen en zelfs arbeiders van de veldbrandovens naar hem wist te lokken."

(Bedankt Jan en Michel voor de hulp!)

(G)een ringoven

Dat antwoord bracht dus duidelijkheid: de Koolmijn van Eisden heeft destijds dus zelf geen ringoven gebouwd en steenbakker Meulemans heeft met de bouw van zijn ringoven in 1924 het probleem van de mijn helpen oplossen. De Mijn van Eisden kon zo beschikken over een permanente capaciteit om brikken te laten produceren voor de eigen gebouwen en voor de bouw van de cité-woningen.
Het krantenknipsel had ons (bij gebrek aan andere bronnen) op het verkeerde been gezet...

zaterdag 2 juli 2022

Pannenfabrieken en steenbakkerijen op vakantie

Als je fan bent van steenbakkerijen en pannenfabrieken kan je uiteraard op afspraak in enkele grote bedrijven op bedrijfsbezoek gaan. Maar voor echt industrieel erfgoed moet je naar een museum of museumsite. Met de zomervakantie voor de deur doe ik graag enkele suggesties van musea en historische locaties die de moeite waard zijn om te bezoeken.

In de eigen provincie Limburg is er jammer weinig baksteen- en pannenerfgoed bewaard gebleven. Toch een paar suggesties. Als je in Limburg op pad bent moet je zeker eens gaan kijken naar de pannenfabriek Jorissen in Loksbergen (Halen). Op de site werden recent nieuwe gebouwen toegevoegd, maar de oude fabriek is voor een deel bewaard gebleven en zou binnenkort (verder) gerestaureerd worden. 

Een ander interessant gebouw is het kerkje gewijd aan Sint-Jozef in Nieuw-Tongeren. Het werd langs Pannenfabriek Onze-Lieve-Vrouw gebouwd door fabriekseigenaar Francart voor zijn personeelsleden en is tegelijkertijd een uitstalraam voor de keramische producten die destijds door deze pannenfabriek werden aangeboden. Van de oude fabriek is enkel de recentste fabriekshal bewaard gebleven. Die wordt nu gebruikt door een schuttersvereniging.

Een leuke ervaring is om met de fiets dwars over (!) het bedrijfsterrein van de steenbakkerij van Membruggen (Riemst) te rijden (en even te stoppen uiteraard). Inderdaad: het bedrijf ligt aan de Dorpsstraat in Membruggen en gebruikt ook de overkant van het straatje als opslag voor de geproduceerde bakstenen! Dit is een van de weinige overgebleven actieve ringovens (uit 1947) in België. In Limburg is er ook nog eentje in Maaseik (uit 1911).

In de Rupelstreek zijn er drie interessante musea. Om te beginnen het Ecomuseum en Archief van de Boomse Baksteen (EMABB), gehuisvest in een prachtige ringoven in Noeveren (Boom) die momenteel volledig gerestaureerd wordt. Op 11 september wordt de site opnieuw plechtig geopend! Vlak in de buurt ligt de prachtige site van Het Geleeg of Steenbakkerij Frateur, waar ik echt onder de indruk was van de oude ovens en de bewaarde machines. En in Rumst ligt Museum Rupelklei, dat ook beschikt over een interessante verzameling.

In de Kempen in de gemeente Malle kan je de kleidabbersroute fietsen in de omgeving van het kanaal Dessel-Turnhout-Schoten waar vroeger heel wat steenbakkerijen gevestigd waren. Ook het eerste bedrijf van de familie Francart lag in Beerse aan dat kanaal.



De Dorpsstraat loopt dwars over het bedrijfsterrein van steenbakkerij Membruggen... (Google Streetview)


donderdag 23 juni 2022

Steenbakkers en pannenbakkers in Bokrijk?

Als je recent nog in Bokrijk bent geweest is het jou misschien ook opgevallen. Bokrijk besteedt sinds enige tijd veel aandacht aan vakmanschap. Het is een belangrijk onderdeel van de werking van het museum geworden. Meer zelfs: 'Bokrijk | Vakmanschap & Erfgoed' is een landelijk platform voor historisch en hedendaags vakmanschap in Vlaanderen. De thema's waar Bokrijk rond werkt zijn: houtbewerking en -verwerking, houtschrijnwerk en meubelnijverheid, houtzagerij en -draaierij, kuiperij, pleister en stucwerk, strodak en vakwerkbouw. 

En de pannen- en brikkenbakkers? 

Het mag duidelijk zijn waarom wij hier een stukje aan wijden: het ambacht van de pannen- en brikkenbakkers komt niet in het lijstje voor. Eigenaardig toch voor een openluchtmuseum waar naast veel vakwerkbouw ook heel wat mooie voorbeelden van oude bakstenen gebouwen staan en waar heel wat gebouwen een pannendak hebben (een mooi voorbeeld is het Hooghuis dat afkomstig is uit Tessenderlo). Overal in Vlaanderen en ook in Limburg waren in de 18de en 19de eeuw veldovens actief en rond 1840 telden we in Limburg zo'n 50 pannenovens. Toch zien we geen enkele verwijzing naar dit ambacht en naar het belang hiervan (tenzij we iets over het hoofd zien). Hoe komt dat? Aan de ouderdom van deze technieken kan het niet liggen. Dakpannen worden in Vlaanderen al gemaakt sinds de 16de-17de eeuw, bakstenen al sinds de 13de eeuw.

Misschien paste dit ambacht, in de loop van de jaren geëvolueerd naar kleinschalige industrie, niet in het romantische beeld van de oprichters van het museum in de jaren 1950? Of werden veldovens en pannenovens op dat moment nog niet als iets uit het verleden beschouwd? In het boekje dat door de eerste directeur Jozef Weyns werd geschreven blijkt dat niet meteen. De oude bouwtechnieken komen aan bod, vooral dan het vakwerk met lemen wanden, maar er is ook een kort stukje over het gebruik van baksteen. Echter niets over het ambacht van het bakken van pannen en stenen. Allicht omdat het niet als huisarbeid werd beschouwd en op die manier niet paste in het huiselijke kader...

In elk geval kwam het thema van de pannen- en brikkenbakkers bij gelegenheid wel eens aan bod in de werking van Bokrijk als museum. Het artikel van Willem Driesen, 'De pannenbakkerijen in Limburg 1841-1844' uit 1981 was blijkbaar het resultaat van een studie in opdracht van Openluchtmuseum Bokrijk. En ik herinner me ook nog een tijdelijke tentoonstelling in Bokrijk met als titel 'Batibouw anno 1900' (als mijn geheugen me niet in de steek laat) waar ook de productie van brikken en pannen aan bod kwam.

Oproep

Nu Bokrijk vakmanschap duidelijk verbindt met het openluchtmuseum, en zijn werking in die zin heeft uitgebreid, stellen wij ons de vraag waarom men zich beperkt tot de thema's die we eerder vermeld hebben. Volgens onze bescheiden mening is het ambacht van pannen- en brikkenbakkers echt op zijn plaats in Bokrijk. We doen daarom een oproep aan het museum om ook de kennis hierover in de kijker te zetten, juist omdat het zo verbonden was met de bouwactiviteiten in onze regio en met het leven in onze steden en op het platteland. De geschiedenis van de Limburgse pannen- en brikkenbakkers is erg interessant erfgoed. 

Een traditionele veldoven zou een mooi project zijn voor Bokrijk, dat perfect past in de lopende grootschalige restauratiecampagne. De kennis om zo'n veldoven op te bouwen is op dit ogenblik gelukkig nog aanwezig in onze provincie, bijvoorbeeld bij steenbakkerij Wagemans in Hoeselt.

Gaat Openluchtmuseum Bokrijk de uitdaging aan?



zondag 12 juni 2022

Unieke revolverpersen en een sledepers

De in 1976 beschermde Pannenfabriek Jorissen in Loksbergen (Halen) bevatte op het moment van zijn bescherming nog een erg interessante 'inboedel'. Dat blijkt uit het beschermingsbesluit.

 "De voormalige pannenfabriek 'Jorissen' , genaamd 'de Panoven', inclusief de gebouwen, de paapoven uit het interbellum met de nog bestaande lading gresbuizen en alle toebehoren, de voorbewerkingsfase met alle toebehoren (vormpers voor platte pannen: 'Winnen & Büschges - Boisheim Rheinland'; motor en schakelkast bovenop de machine; vormpers voor nokpannen; houten werkbanken; strengpers met rollen; elektromotor op platform boven de strengpers; reductiekast; rheostaat; oude vormpers voor dakpannen; assen, riemschijven; transportband met houten goot voor bevoorrading strengpers; transportband met houten goot voor afvoer overtollige klei van kamer 1 naar kamer 2; ijzeren mengkuip; verrolbare snijmachine; allerhande kleiner of gedemonteerd materiaal zoals gedemonteerde transportgeleiders), alle transportsystemen, de restanten van de paapoven uit 1877, de restanten van de droogloodsen, de schoorsteen, de rails; de onregelmatig ronde basis naast de voorbewerkingsfase;"

Het meest interessant, en allicht uniek in onze provincie, zijn de aanwezige machines in de inventaris. Deze  dateren allicht van het eind van de 19de - begin 20ste eeuw, nl. twee vormpersen, een sledepers en een strengpers. Het bedrijf sloot in 1954. Deze machines waren tot dan nog in gebruik.

Unieke vormpersen

Al in 1882 kreeg de dakpannenfabrikant François Jorissen een uitvindersbrevet voor dakpannen met een dubbele sluiting, namelijk ”fabricant de tuiles, domicilié à Loxbergen”, voor “un système de tuiles à double attache”. Om dergelijke pannen te maken is een pers nodig, met handbediening of aangedreven door een stoommachine of een motor. In 1920 werd de fabriek gemechaniseerd en er werd een stoommachine geïnstalleerd, mogelijk een tweedehands stoommachine. Later, in 1939, werd het machinehuis volledig vernieuwd, de fabriek draaide van dan af op twee elektromotoren.

Tussen de overblijfselen die vandaag in de ruïne van de machineruimte bewaard bleven vinden we inderdaad deze machines terug. Jammer genoeg in een slechte conditie.

In 2016 maakt ik nog foto's van deze machines onder een half overgroeid golfplaten afdak. Vorig jaar bleek dat alle apparaten zonder beschutting verder stonden te verkommeren. Op mijn vraag aan de gemeente Halen kreeg ik vorig jaar als antwoord dat men na de opmaak van het beheerplan bezig was met de aanstelling van een uitvoerder van dit plan. Geen informatie over de bescherming van de oude machines...

 

Wat overblijft van het machinegebouw van Pannenbakkerij Jorissen... (oktober 2021)

 

 

Strengpers


Een strengpers of extrusiepers wordt gebruikt voor de massaproductie van baksteen, plavuizen, bepaalde typen dakpannen en andere producten van klei. In begin van de negentiende eeuw zijn verschillende pogingen ondernomen om een strengpers te ontwikkelen. De plastische klei werd hierbij door een mondstuk geperst en op de juiste lengte afgesneden. 

Het is onduidelijk wat de herkomst is van deze strengpers. Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

Op de foto is helemaal bovenaan de elektrische motor te zien die de pers aandrijft. De mond van de pers zit vooraan. Aan de buitenkant kan nog een mondstuk toegevoegd worden om de vorm van de streng te bepalen. De klei werd oorspronkelijk met een transportband bovenaan toegevoerd.
De pers is gemonteerd op een bakstenen voet.


Sledepers


De sledepers was oorspronkelijk een van de eerste en eenvoudigste types van persen waarmee pannen werden geproduceerd. De aandrijving gebeurde via een aandrijfwiel dat aan een stoommachine of elektrische motor gekoppeld kon worden.

In Loksbergen werd deze sledepers blijkbaar gebruikt om de nokken te produceren.

Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

 

 

 

 

 

 

Vormpers 1


Met een vormpers kon men bijna continue pannen persen. De mallen zaten gemonteerd op een trommel, vandaar ook de naam revolverpers.

Van deze pers is het merk ook onbekend. Hopelijk wordt in het kader van de restauratie verder onderzoek gedaan naar de fabrikant en ouderdom van deze machine.

 

 

 

 

 

 

 

Vormpers 2


Deze revolverpers bevat nog de oorspronkelijke gipsen mallen voor het persen van de bekende Loksbergse platte pannen met dubbele sluiting. Deze gipsen mallen absorbeerden een gedeelte van het vocht uit de klei waardoor de geperste pannen gemakkelijk loskwamen van de mal. De gipsen mal versleet snel en moet regelmatig vervangen worden. Deze mallen werden normaal gezien ook in het bedrijf gemaakt.

Deze mooie pers is van de Duitse fabrikant Winnen & Büschges uit Boisheim in Rheinland. De merknaam staat op de pers. In een catalogus uit 1938 staat een bijna identiek model afgebeeld.





Oproep

Omwille van hun unieke karakter moeten deze machines in het kader van de restauratie van de pannenfabriek grondig onderzocht en gerestaureerd worden. Hopelijk krijgen ze een prominente plaats in het heropgebouwde machinegebouw zodat de structuur en de werking ervan, én het volledige productieproces, kan worden toegelicht.

In het beheerplan wordt duidelijk gesteld dat het belangrijk is om deze machines te bewaren en te restaureren om zo hun functie in het productieproces uit te leggen aan de bezoeker. Hopelijk volgt de gemeente Halen als eigenaar deze keuze. 

Dit unieke erfgoed mag niet verder verkommeren en verdient het bewaard te worden voor de toekomst.
Ik zal daarom bij de gemeente blijven aandringen voor een correcte restauratie van dit waardevolle erfgoed.

Wordt vervolgd!

Welkom!

Een Limburgse inventaris!?

Een inventaris van 'alle' Limburgse panovens, pannenfabrieken en steenbakkerijen? Allicht onbegonnen werk... In elk geval wil ik m...